Vlaanderen is ingedeeld in 4 gebiedstypes. In gebiedstype 0 is de waterkwaliteit goed. In de gebiedstypes 1, 2 en 3 moeten nog inspanningen geleverd worden. Hoe groter de doelafstand tot een goede waterkwaliteit, hoe groter de inspanningen.
Daarom zijn in die gebieden extra maatregelen van toepassing. Het gaat om de volgende 3 gebiedsgerichte maatregelen:
Als u een vrijstelling behaalt na positieve bedrijfsevaluatie, wordt u vrijgesteld van de gebiedsgerichte maatregelen 'erkend mestvoerder' en 'verstrengde bemestingsnormen'.
Sinds het gewijzigde Mestdecreet van december 2024, zijn de gebiedsgerichte maatregelen vereenvoudigd. Het 'doelareaal vanggewassen' uit MAP 6 is geschrapt, maar de 'basismaatregel vanggewassen' blijft behouden.
Er is ook een wijziging voor de bemestingsrechten: voortaan worden die altijd toegekend aan de gebruiker van de hoofdteelt. De gebruiker van de hoofdteelt draagt namelijk de grootste financiële risico's. Hij is ook verantwoordelijk voor het correct naleven van de conditionaliteit in het kader van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), voor eventuele ecoregelingen, agromilieuklimaatmaatregelen, beheerovereenkomsten én voor de bemesting van de percelen. Met deze maatregel wordt de aangifte van de gebruikspercelen in de verzamelaanvraag sterk vereenvoudigd. De codes gebruik 'M' en 'H' verdwijnen. Alleen de codes 'P' (mestrechten en hoofdteelt) en 'N' (nateelt/tweede nateelt) blijven bestaan. Er kan nog altijd gewerkt worden met cultuurcontracten.